Artikel uit vaktijdschrift 'Fons' (Nederlands 4): Voorlezen in het secundair onderwijs: het kan én het moet!

Voorlezen aan leerlingen uit het secundair onderwijs: het is iets wat niet vaak gebeurt. Toch houden ook de ietwat oudere leerlingen ervan om voorgelezen te worden. Stof die aanzet tot nadenken en die ons ertoe brengt om het ook zelf een keer uit te proberen. 

Voordelen van voorlezen in het secundair onderwijs

Je leerlingen motiveren om een boek vast te nemen, kan lastig zijn. Waarom gooi je het niet over een andere boeg en lees je hen zélf een verhaal voor? Wanneer je dat doet, zullen de leerlingen wellicht denken dat er even geen les is en dat ze tot rust kunnen komen. Motivatie gegarandeerd! De leerlingen zijn niet alleen enthousiast, ze werken onbewust ook hard wanneer je hen voorleest. Zo wordt hun woordenschat uitgebreid, raken ze vertrouwd met langere en moeilijkere zinsconstructies en verhaallijnen, en oefen je hun sociaal-relationele competenties. Als het verhaal afgelopen is, kan er een klasdiscussie volgen waarin de leerlingen oefenen op het verwoorden van hun mening en op het onderbouwen daarvan aan de hand van argumenten. Je laat de leerlingen proeven van de verhaalopbouw én je bezorgt hen leesplezier: een win-winsituatie! 

Leesleeftijd versus luisterleeftijd 

Wanneer je beslist om zelf een verhaal voor te lezen, kun je het best kiezen voor taalrijke teksten die de leerlingen anders misschien (te) moeilijk zouden vinden. Er bestaat namelijk een verschil tussen de leesleeftijd en de luisterleeftijd: luisteren naar lange en moeilijke zinnen is makkelijker dan ze te moeten lezen. Bovendien ondersteunt luisteren de taalontwikkeling van je leerlingen.

Wat kan je juist voorlezen aan de pubers in je klas?

Wat werkt, is het voorlezen van een volledig, spannend boek waarbij de leerlingen willen dat je na elk hoofdstuk meteen het volgende begint te lezen. Dat kan je spreiden over een langere periode. Verder is het ook mogelijk om met verhaalfragmenten te werken. In dat geval is het belangrijk om af te wisselen. Varieer dus in thema, genre, auteur, fictie of non-fictie. Op die manier kan je ook verschillende boeken in de kijker zetten bij je leerlingen om zo hun leesmotivatie te verhogen. Lees je liever eens iets anders voor dan een boek of een fragment uit dat boek? Kies dan voor gedichten. 

Op welk moment lees je het best voor?

Wanneer je voorleest, maakt niet uit. Wat wel belangrijk is, is om het vaak te doen. Een tip daarbij is om leesmomenten vooraf in te plannen, want voorlezen laat je makkelijk links liggen wanneer je even geen tijd hebt. Het is raadzaam om elke week voor te lezen. Elk laatste lesuur Nederlands van de week, bijvoorbeeld. Dan hebben de leerlingen iets om naar uit te kijken. Een andere mogelijkheid is om voor te lezen telkens als er een leerling jarig is.

Welke vragen stel je?

Wanneer je voorleest, kan je zowel voor, tijdens als na het lezen vragen stellen aan de leerlingen. In dat geval moet je als leerkracht weten welke vragen je precies gaat stellen. Hieronder enkele tips:

  • Pas voorspellend lezen toe. Vragen die je hierbij kan stellen: Waarover zal deze tekst/dit hoofdstuk gaan? Denk je dat je het leuk zal vinden om te luisteren naar dit verhaal of niet?
  • Start met een opdracht voor het luisteren. Zo kan je de leerlingen opgeven om na het luisteren te vertellen wat ze raar of ongewoon vonden in het verhaal.
  • Blik vooruit naar het volgende hoofdstuk. Vragen die je hierbij kan stellen: Wat zal er nu gebeuren, denk je? En waarom? Welke aanwijzingen vind je daarvoor in het verhaal?
  • Stel zeker geen inhoudsvragen, tenzij een leerling iets niet begrepen heeft. Dan kun je de andere leerlingen dat laten verduidelijken.

Enkele praktische tips die je op weg helpen!

Denk je er over na om zelf een keer voor te lezen in de klas? Lees dan zeker onderstaande tips waarmee je aan de slag kan gaan.

  • Is er niemand jarig deze week? Laat de leerlingen je dan overtuigen om toch voor te lezen. Welke argumenten kunnen ze bedenken? Of kwamen er deze week toevallig mensen in het nieuws aan wie ze een verhaaltje zouden willen opdragen?
  • Kies je ervoor om een volledig boek voor te lezen? Nodig de auteur dan uit op school! Heb je geen inspiratie? Neem dan eens een kijkje op www.auteurlezingen.be.
  • Je hoeft niet per se taken te koppelen aan het voorlezen. Als de leerlingen echter zelf voorstellen om op basis van het voorgelezen boek een opdracht uit te werken, dan kan je dat wel toejuichen. Motivatie is immers 'the key to succes'. 
  • Wie weet kan je het thema van het verhaal of het boek wel koppelen aan een ander schoolvak. Aarzel in dat geval niet om je collega aan te spreken. Hier hoeven geen opdrachten mee gepaard te gaan. Een simpele vermelding in een andere les kan bij de leerlingen al voor een euforisch gevoel zorgen. 
  • Test even uit hoe lang je kan voorlezen.
  • Wil je na het voorlezen nog verder ingaan op het verhaal? Probeer dan eens gesprekskaartjes, binnen-en buitenkring, post-itvragen of een woordenwolk uit.

Hoe help je leerlingen luisteren? 

Een struikelblok bij het voorlezen kan zijn dat niet alle leerlingen een even lange aandachtspanne hebben. Het is niet voor iedereen even makkelijk om langer dan enkele minuten naar een verhaal te luisteren. Ben je op zoek naar manieren om zelfs de grootste stoelwiebelaars aan het luisteren te krijgen? Dan vind je hieronder enkele tips die je op weg kunnen helpen.

  • Laat je leerlingen tijdens het luisteren een tekening inkleuren.
  • Geef de leerlingen een exemplaar van het boek en laat hen meelezen.
  • Overdrijf in je intonatie. Roep bijvoorbeeld als het personage ook roept.
  • Leef je in in het verhaal. Vloekt of huilt het personage? Doe er dan en schepje bovenop!
  • Staan er te veel moeilijke woorden in de tekst en wordt het verhaal daardoor wat te vaak onderbroken? Laat de leerlingen dan een lijstje met moeilijke woorden opstellen. Na het luisteren kunnen ze op zoek gaan naar de betekenis van die woorden.
  • Bepaal de plaats waar je gaat voorlezen: wordt het in een leeshoekje knus op de grond onder een dekentje of blijven de leerlingen gewoon op hun stoel zitten?
Enkele boekentips voor boeiende (voor)leeservaringen

Wil je voorlezen, maar heb je geen inspiratie? Ga dan voor één van de boeken uit de lijst hieronder.
  • Boeken van Patrick Lagrou (bevatten vaak leuke cliffhangers)
  • Paul Van Loon: Ravelijn (gebaseerd op de Efteling-attractie)
  • Johan Vandevelde: Wolfsangel-Apollo (de spanning spreekt aan en de realiteit/actualiteit raakt de leerlingen echt)
  •  Ish Ait Hamou: Het moois dat we delen
Hoe sta ik zelf tegenover voorlezen in het secundair onderwijs?

Om deze blogpost af te ronden, zou ik jullie graag vertellen welk standpunt ik inneem tegenover voorlezen in het secundair onderwijs.

Ik herinner me nog goed dat ik, toen ik nog in het middelbaar zat, af en toe voorgelezen werd door mijn leerkrachten. Vooral de leerkrachten Frans en Engels lazen geregeld voor in een anderstalig boek. Ofwel lazen ze het begin van een boek dat wijzelf verder moesten uitlezen, ofwel lazen ze het volledige verhaal gespreid over een aantal momenten. Ik vond het altijd fijn als mijn leerkrachten verhalen voorlazen. Telkens mijn leerkracht een hoofdstuk had uitgelezen, besprak hij/zij de inhoud van dat hoofdstuk. Zo begrepen we het verhaal beter. Bij het vak Nederlands las de leerkracht amper verhalen voor. Dat vond ik jammer, aangezien ik hier ook wel nood aan had. Sommige verhalen vond ik namelijk moeilijk om te begrijpen. 

Als toekomstig taalleerkracht ben ik me bewust van de voordelen die voorlezen met zich meebrengt. Vooral voor leerlingen die moeite hebben met het begrijpen van een verhaal, kan luisteren naar verhalen helpen. Als leerkracht kan je aan het einde van het verhaal of na elk hoofdstuk terugkoppelen naar de inhoud en naar de betekenis die achter het verhaal schuilgaat. Daar zullen sommige leerlingen meer aan hebben dan wanneer ze het boek op eigen houtje moeten lezen en daar een bijhorende opdracht bij moeten maken. 

Voorlezen biedt ook mogelijkheden tot differentiatie. Zo kan je de leerlingen zelf laten kiezen welk verhaal er voorgelezen wordt. Je kan hen ook de mogelijkheid geven om zelf te beslissen of ze het boek al dan niet zelf lezen. In dat geval kunnen ze kiezen tussen voorgelezen worden en zelf lezen. 

Heb je nog tips/ideeën om voorlezen in het secundair onderwijs écht aantrekkelijk te maken? Laat dat dan zeker weten! En onthoud vooral: voorlezen doet lezen! 

Bron: Bouwen, H. (2021). Voorlezen in het secundair onderwijs: het kan én het moet! Fons, 36-38.

Reacties

  1. Dag Laura,
    Leuk artikel ! Ik had al gelezen dat ouders best blijven voorlezen op die leeftijd, maar als leerkracht in de klas... daar had ik nog niet bij stilgestaan.
    Omdat de boekenvoorkeur van lln. nogal kan verschillen, zou ik misschien wel eerder voor een kortverhaal gaan, in plaats van voor een volledig boek. Dan kan je meer variëren.
    In elk geval een tof en motiverend idee. Iets waar de lln. gegarandeerd naar uit zullen kijken en misschien wel een leuke afsluiter van de dag of de week... om de laatste loodjes wat lichter te maken.
    Bedankt !
    Hilde

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

Populaire posts van deze blog

Jeugdboek (Nederlands 2): 'En ik dan?' - Luc Descamps

Boek naar keuze (Nederlands 5): 'Has#tag' - Dirk Bracke

Boek uit leeslijst (Nederlands 3.1): 'Kop of munt' - Karen Rastelli